Landelijk is de huismus opnieuw nummer 1 geworden bij de Nationale Tuinvogeltelling van Vogelbescherming Nederland.
Ook in Arnhem werd de huismus met voorsprong het meest geteld.
22e keer
Dit
weekend vond voor de 22e keer de Nationale
Tuinvogeltelling plaats, georganiseerd door Vogelbescherming Nederland.
Meer dan 105.000 mensen telden bijna 1,5 miljoen vogels. Conclusie: De
huismus staat op één, gevolgd door de koolmees en de pimpelmees. Met
105.72 deelnemers en 1.412.062 getelde vogels was de Tuinvogeltelling
2025, het grootste burgeronderzoek van Nederland, in deelnemersaantallen
opnieuw een groot succes. Het toont het aan dat veel Nederlanders
betrokken zijn bij vogels. Toch valt er voor de vogels zelf nog heel wat
winst te behalen.
Uitdagingen voor huismus en merel
Het hoge aantal deelnemers geeft een helder beeld: duidelijk is dat
het met veel vogelsoorten nog niet goed gaat in ons land. Veranderingen
in ons landschap zorgen ervoor dat vogels steeds minder plekken vinden
voor voedsel en schuilplaatsen, wat hun overlevingskansen in de stad
verkleint. Het is gebruikelijk dat de huismus, die vaak in een groepje
van zeven leeft, de lijst aanvoert, hoewel het dit jaar spannend was.
‘Het aantal huismussen
in de afgelopen decennia meer dan gehalveerd. Ook het aantal getelde
merels is teruggelopen. Dat komt waarschijnlijk door het usutuvirus, dat
de merels al sinds 2016 treft,’ aldus Vogelbescherming Nederland.
Opvallend
In de landelijke top 10 eindigden ook de kauw (4), merel (5), vink
(6), houtduif (7), ekster (8), Turkse tortel (9) en roodborst (10).
Naast de bekende soorten werden er ook opvallende waarnemingen gedaan.
Dit jaar zijn onder andere één kruisbek, twaalf pestvogels, tien
waterrallen en drieënzeventig grote gele kwikstaarten
gemeld. Maar liefst vijf soorten spechten kwamen voor in de telling: de
kleine bonte specht, groene specht, grote bonte specht, middelste bonte
specht en de zwarte specht. Opvallend is ook dat er dit jaar opnieuw
zwartkoppen en tjiftjaffen zijn gemeld. Dit hangt mogelijk samen met hun
toenemende overwintering in Nederland door klimaatverandering. Het bericht gaat verder onder de foto.
Koolmees.Pixabay
De koolmees staat op nr. 2
Een vliegende start
Sinds de start van de telling in 2003 heeft Vogelbescherming
Nederland een steeds beter beeld gekregen van de vogelpopulaties in de
winter rondom onze tuinen en balkons. Deze informatie is van groot
belang voor de bescherming van vogels. “Door onze tuinen
vogelvriendelijker in te richten met biologische inheemse beplanting,
kunnen we bijdragen aan hun leefomgeving," aldus Timo Roeke van
Vogelbescherming Nederland. "Overigens is het herstel van natuur in de
stad niet alleen belangrijk voor vogels, maar ook voor onze eigen
fysieke en mentale gezondheid."
Hoorbaar
Voor het eerst werd de Nationale Tuinvogeltelling dit jaar door
heel Nederland met muzikale oproepen uit (kerk)torens aangekondigd.
Beiaardiers speelden zaterdag speciaal nummers als Alle duiven op de
Dam, De Vogeltjesdans, of Blackbird van The Beatles op hun
carillon. Gedachte achter de oproep: ‘Elke vogel telt’ bij de
Tuinvogeltelling. Maar ook: ‘De noodklok luidt.’
Tellingen per provincie
De
meeste vogels werden geteld in Zuid-Holland. Daar bevonden zich 18.983
deelnemers en 228.384 getelde vogels. Overzicht per provincie: