De rechtbank veroordeelt een 44-jarige man uit de Verenigde Staten voor oplichting en witwassen. De man lichtte tussen januari 2009 en juli 2014 zijn voormalige werkgever uit Arnhem op.
De man krijgt een gevangenisstraf opgelegd van twaalf maanden. Daarnaast moet de man ruim €265.000 betalen aan de Staat en ruim €16.000 aan het bedrijf dat hij heeft opgelicht.
Afdeling debiteuren
Als werknemer van de afdeling debiteuren was hij goed op de hoogte van het financiële systeem van het bedrijf. De man gebruikte die kennis gebruikt om in een periode van bijna vijf jaar ruim €265.000 te laten overmaken naar bankrekeningen van kennissen en van hemzelf. Hij maakte daarbij misbruik van de toegang die hij had tot de bankrekening van de toen elfjarige dochter van een vriendin. Hij gebruikte de rekening van het meisje om uitgaven te doen voor zichzelf en voor anderen en heeft zich daarmee ook schuldig gemaakt aan witwassen.
Vertrouwen geschaad
De man heeft het vertrouwen dat zijn werkgever in hem had ernstig geschaad. De rechtbank neemt het hem kwalijk dat hij geen enkele verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn handelen. Hij legt de schuld van zijn handelen bij anderen. Op het moment dat zijn werkgever ontdekte dat de man geld had weggenomen verhuisde hij naar de Verenigde Staten.
Overschrijding redelijke termijn
De rechtbank past wegens de schending van de redelijke termijn een strafvermindering toe van twee maanden. De rechtbank legt een lagere gevangenisstraf op dan de officier van justitie heeft geëist, omdat de rechtbank tot een andere bewezenverklaring komt van het witwassen.
Schadevergoeding
De voormalig werkgever van de man heeft eerder in een civiele procedure een bedrag van bijna €249.000 toegekend gekregen. Het door de strafrechter toegekende bedrag van ruim €16.000 komt daar bovenop.